Wijzigingen FIFA Reglementen

Geplaatst op: 05 jun, 2018

In de FIFA circular letter no. 1625 kondigt de FIFA een aantal wijzigingen aan met betrekking tot de FIFA Regulations on the Status and Transfer of Players (hierna: ‘’RSTP’’). Door de wijzigingen wordt met name de positie van collectieve arbeidsovereenkomsten (hierna: ‘’CAO’s’’) versterkt en worden de mogelijkheden van een speler uitgebreid om een beroep te doen op beëindiging van een contract met just cause.

De hieronder uitgewerkte wijzigingen zullen van kracht zijn per 1 juni 2018.

1. Artikel 14 RSTP wordt gewijzigd. Het artikel zal vanaf 1 juni a.s. een extra lid bevatten:

‘Any abusive conduct of a party aiming at forcing the counterparty to terminate or change the terms of the contract shall entitle the counterparty (a player or a club) to terminate the contract with just cause.’

Dit nieuwe lid ziet met name op de situatie dat een club een speler laakbaar gedrag vertoont door hem bijvoorbeeld geen wedstrijden te laten spelen, hem om onduidelijke redenen niet op te nemen in de wedstrijdselectie en/of de speler zonder reden afgezonderd van de groep te laten trainen. Uit jurisprudentie volgt al dat spelers het recht hebben om hun arbeidsovereenkomst met just cause te beëindigen, indien de club onbehoorlijk gedrag vertoont. Het nieuwe lid dat aan art. 14 RSTP wordt toegevoegd is derhalve een codificering van (met name CAS-)jurisprudentie.

Zowel een speler als een club kan een beroep doen op het nieuwe lid 2. In de praktijk zal het echter met name de speler zijn die een beroep zal doen op dit lid.

2. Nieuw artikel: art. 14bis. Dit artikel heeft betrekking op het beëindigen van een contract met just cause vanwege overdue salaries (achterstallig salaris).

In lid 1 van art. 14bis wordt opgenomen dat een speler zijn contract met een just cause kan beëindigen, indien hij:
– minstens twee maanden zijn salaris niet heeft ontvangen; en
– de club schriftelijk in gebreke heeft gesteld en daarbij een deadline van minstens 15 dagen heeft gegeven om alsnog aan haar financiële verplichtingen te voldoen.

Enige andere clausules die in contracten staan die vóór 1 juni 2018 zijn afgesloten en betrekking hebben op het voorgaande, blijven rechtsgeldig.

In lid 2 wordt opgenomen dat, indien een speler zijn salaris niet op maandelijkse basis krijgt uitgekeerd, (voor de uitleg van dit artikel) uitgegaan wordt van een salaris dat pro-rata overeenkomt met twee maandsalarissen.

Ten slotte wordt in lid 3 opgenomen dat hetgeen dat is opgenomen in nationale CAO’s betreffende de inhoud van de twee voorgaande leden, voorrang heeft boven art. 14bis RSTP.

3. Met betrekking tot de overdue salaries wordt er ook een extra lid toegevoegd aan art. 18 RSTP.

Lid 6 van art. 18 zal een verbod bevatten ten aanzien van clausules waarin staat dat een club het salaris eventueel op een later tijdstip zal uitbetalen (de zogeheten ‘grace periode’). Per 1 juni 2018 zijn zulke clausules dus verboden. Clubs dienen derhalve het salaris uit te betalen op het tijdstip dat contractueel is afgesproken.

Wederom is opgenomen dat grace periods die zijn opgenomen in nationale CAO’s worden gehonoreerd. Het is daarom mogelijk om, ondanks het verbod zoals opgenomen in art. 18 lid 6 RSTP, in de CAO af te spreken dat grace periods wel degelijk in een arbeidsovereenkomst mogen worden vastgelegd.

Bovendien heeft voornoemde wijziging geen betrekking op contracten die vóór 1 juni 2018 zijn afgesloten. Indien in die contracten een grace periode is opgenomen, blijft deze (los van de vraag of dit volgens de CAO toelaatbaar is) rechtsgeldig.

4. Artikel 17 lid 1 RSTP wordt gewijzigd. Art. 17 RSTP somt de consequenties op wanneer een contract without just cause wordt beëindigd.

Lid 1 heeft specifiek betrekking op de schadevergoeding die dient te worden betaald bij het beëindigen van een contract without just cause. Omdat er in het algemeen veel discussie heerste over de berekening van deze schadevergoeding, heeft de FIFA door uitbreiding van het lid voor duidelijkheid willen zorgen. De schadevergoeding die is verschuldigd aan een speler zal namelijk als volgt worden berekend:

– Indien de speler, na beëindiging van zijn vorige contract, nog geen nieuw contract bij een andere club heeft ondertekend, is de schadevergoeding gelijk aan de resterende waarde die het vorige contract had;
– indien de speler, na beëindiging van zijn vorige contract, een nieuw contract bij een andere club heeft ondertekend, wordt de schadevergoeding berekend door de waarde van het nieuwe contract (voor de duur die gelijk is aan de resterende looptijd van het vorige contract) af te trekken van de resterende waarde van het vorige contract.
Indien het vorige contract bovendien is beëindigd op grond van overdue payables, heeft de speler ook recht op een additionele vergoeding ter hoogte van drie maandsalarissen. In uitzonderlijke gevallen heeft de speler zelfs recht op een additionele vergoeding ter hoogte van zes in plaats van drie maandsalarissen. De gehele vergoeding mag echter niet hoger zijn dan de restwaarde van het vorige contract.
– Ten slotte wordt opgenomen dat hetgeen dat is opgenomen in nationale CAO’s betreffende de berekeningen zoals hierboven genoemd, voorrang heeft.

4. Nieuw artikel 24bis.

In dit nieuwe artikel wordt opgenomen dat (rechters van) de Dispute Resolution Chamber (hierna: ‘’DRC’’) en Players’ Status Committee bij het opleggen van een financiële verplichting (bijvoorbeeld het betalen van schadevergoeding) tevens zullen beslissen wat de consequenties zijn, indien de betaling niet plaatsvindt binnen de door hen opgelegde termijn.

De sancties die zij alsdan kunnen opleggen staan genoemd in art. 24bis lid 2.

De sancties zullen worden opgelegd op het moment dat de openstaande bedragen niet binnen 45 dagen zijn voldaan, nadat de schuldeiser de schuldenaar de juiste bankdetails heeft gegeven waarop het openstaande bedrag dient te worden overgemaakt. Een andere voorwaarde is dat er sprake dient te zijn van een definitieve beslissing Oftewel dat er geen beroep tegen de beslissing is aangetekend bij het CAS.

Zodra het openstaande bedrag is voldaan, zullen de sancties worden opgeheven.

Dit nieuwe artikel is een uitkomst voor vorderingen die niet worden betaald door andere clubs/spelers. Ter illustratie: indien de Nederlandse club A recht heeft op € 50.000,- aan opleidingsvergoeding van de buitenlandse club B, maar club B weigert te betalen, kan club A naar de DRC stappen. Indien de DRC club B veroordeelt tot betaling, maar club B wederom in gebreke blijft, kan club A naar de FIFA Disciplinary Committee stappen met het verzoek om disciplinaire maatregelen te nemen tegen club B. Al met al duurt het thans erg lang voordat club B daadwerkelijk gesanctioneerd kan worden indien zij in gebreke blijft met betaling. Met de invoering van art. 24bis kan de DRC voortaan bij zo’n veroordeling tot betaling van opleidingsvergoeding de sancties benoemen die club B (na 45 dagen) boven het hoofd hangen indien zij hier niet aan voldoet. Hierdoor krijgt club A hoogstwaarschijnlijk eerder de vergoeding waar zij recht op heeft en/of worden er eerder sancties opgelegd aan de niet betalende club/speler.